Afl. 13 - Jacques Maessen raakt in opspraak

Gepubliceerd op 31 januari 2024 om 11:00

Vader en zoon Jansen bij hun smidse op de hoek van de Bergerweg en de Kleine Wal. Deze stond bekend als 'de dieke sjmid' want op de hoek van de Bergerweg en de Bennebroekweg zat de smederij van een andere Jansen. Dat was 'de dunne sjmid'.  Foto van de website 'Tussen Roer en Vloot' van www.janruiten.nl


Woelig St. Odiliënberg

Jacques Maessen was in 1915 met veel fanfare binnengehaald als burgemeester van Vlodrop en die zegetocht ging nog een tijdje door. In 1918 moest burgemeester Schmitz van St. Odiliënberg aftreden na een schandaal over de distributie van regeringsvlees[1]

Een belangrijke gemeentelijke taak was in die jaren van de Eerste Weerteldoorlog de distributie van regeringsvlees en tarwe en daarmee begin Schmitz meteen te sjoemelen. Dat kwam al gauw aan het licht en ook de veldwachter, Kunst, die uit Holland kwam, meldde het misbruik aan de regeringsinstanties. Die kwamen doortastend in beweging, terwijl ook de gemeenteraad van Berg het vertrouwen in Schmitz opzegde, ook omdat hij zich op allerlei manieren misdragen zou hebben.

Op kerstavond van 1917 werd Schmitz opgesloten in het Huis van Bewaring in Roermond en volgde een hele reeks verhoren van hem en getuigen. De pers in de Roerstreek zweeg over deze affaire, alleen het Echter Weekblad deed er verslag van. Uiteindelijk kreeg hij vier maanden hechtenis, met aftrek van het voorarrest, dat ook vier maanden had geduurd. Anderhalf jaar na zijn benoeming moest Schmitz alweer aftreden.

De Limburgse gouverneur schreef aan het ministerie van Binnenlandse Zaken dat die affaire in Sint Odiliënberg 'het vertrouwen in het bestuur dier gemeente zodanig [heeft] geschokt, dat aan de thans te benoemen burgemeester meer dan middelmatige eischen moeten worden gesteld. (…) Met vaste hand, strikt rechtvaardig en met beproefd beleid zal hij de gestoorde rust in de woelige gemeente St. Odiliënberg moeten herstellen.’ Er waren zes sollicitanten en van hen ‘is J. Maessen de enige met burgemeesterservaring. Maessen vervult met veel ijver en toewijding sinds 1915 de belangen der gemeente Vlodrop, met rechtvaardigheid en billijkheid'. De gouverneur had niets dan lof over Jacques en omdat die geen andere bezigheden had dan het burgemeesterschap, zou hij dat van Berg er best bij kunnen doen.

De Limburgse gouverneur schreef aan het ministerie van Binnenlandse Zaken[2] dat die affaire, 'het vertrouwen in het bestuur dier gemeente zodanig [heeft] geschokt, dat aan de thans te benoemen burgemeester meer dan middelmatige eischen moeten worden gesteld. (…) Met vaste hand, strikt rechtvaardig en met beproefd beleid zal hij de gestoorde rust in de woelige gemeente St. Odiliënberg moeten herstellen.’ Er waren zes sollicitanten en van hen ‘is J. Maessen de enige met burgemeesterservaring. Maessen vervult met veel ijver en toewijding sinds 1915 de belangen der gemeente Vlodrop, met rechtvaardigheid en billijkheid'. De gouverneur had niets dan lof over Jacques en omdat die geen andere bezigheden had dan het burgemeesterschap, zou hij dat van Odiliënberg er best bij kunnen doen.

Ook Melick-Herkenbosch

Het ging dus voorspoedig met de loopbaan van Jacques en ook financieel had hij blijkbaar enige ruimte. In 1922 liet hij het grote witte huis aan de Schaapsweg bouwen. Door zijn opmerkelijke chaletstijl is dat zelfs een gemeentelijk monument geworden. Het hekje voor het raampje in de voordeur van dat huis draagt nog steeds zijn initialen, JM. Het was een praktische plek voor een bestuurder met ambitie, want het huis lag tegenover de tramhalte die hem in een half uurtje naar St. Odiliënberg en in een uur naar Roermond kon rijden.

Maar het bleef niet goed gaan. Jacques onderhield in Vlodrop weer een relatie met Nellie Moors, de vrouw met wie hij een buitenechtelijk kind had. In 1922 werd Jacques genoemd om ook nog burgemeester van Melick-Herkenbosch te worden, maar daar rees in die dorpen protest tegen.

De pastoors van Herkenbosch en Melick, Kreijelmans en Tindemans, schreven aan de gouverneur dat zij ‘ernstige bezwaren’ hadden tegen zo’n benoeming en dat zij de provinciebestuurder daarover wilden spreken. Toen een reactie uit Maastricht uitbleef, kwamen zij met meer argumenten om hun zaak kracht bij te zetten. Zij beweerden dat ook de pastoors van Posterholt en Vlodrop ernstige kritiek op de burgemeester hadden. Zijn vrouw en zijn schoonmoeder, die bij hen inwoonde, zouden drankzuchtig zijn. De pastoor van Herkenbosch was 'gescandaliseerd' toen hij op de kermis van Vlodrop Station had gezien dat de vrouw van de burgemeester dronken was en dat het echtpaar in het gezelschap was van een alleenstaande vrouw die ongehuwd moeder was en bij wie de burgemeester te veel aan huis zou komen. Dat was natuurlijk Nellie. Ook zou hij een keer 's nachts zijn 'afgeranseld' toen hij uit een 'verdacht huis' kwam.

Was dit alleen geroddel van een paar pastoors die zich zorgen maakten over kuisheid? Toch niet. De zielenherders kregen bijval van de gemeenteraad van Melick-Herkenbosch die op 27 april in een heel ongebruikelijke brief aan de Koningin vroeg om niet Maessen tot burgemeester te benoemen maar hun oud-inwoner J. Claessen, die op dat moment secretaris van Beesel was.

(Tekst gaat door onder de foto.)


Het witte huis liet Jacques Maessen in de jaren 1920 als burgemeesterswoning bouwen, vlakbij de tramhalte naar Posterholt, St. Odiliënberg en Roermond.


Zedelijk gebied

Nu begonnen de autoriteiten op het provinciehuis wel in beweging te komen. Zij verzochten de officier van justitie te Roermond om een onderzoek te doen naar de burgemeester van Vlodrop. Die rapporteerde dat hij eerder nooit 'iets minder gunstigs' over de burgemeester gehoord. Ook de brigadecommandant van de Marechaussee die in de kazerne naast Maessen woonde, wist niets ongunstigs, maar de rijksveldwachter was er wel ervan overtuigd dat er in huize Maessen erg veel werd gedronken. Op zedelijk gebied zou echter op de heer Maessen niets aan te merken zijn.

In diezelfde dagen nam de procurator van het klooster St. Ludwig het in een brief – ongevraagd – op voor de burgemeester, die hij zijn vriend noemde. Hij had Maessen onlangs ontmoet en vond dat die er slecht uitzag. Volgens Maessen zelf kwam dat door de ergernis over een 'verleunderischen Brief' die iemand in Vlodrop aan de commissaris der koningin had geschreven. De procurator dacht dat Maessens vriendelijke gedrag jegens personen van het andere geslacht slechts een bewijs was van 'angeborener Galanterie und Ritterlichkeit'. Maessen was misschien wat al te tegemoetkomend jegens sommige mensen geweest en dat zou wel eens kwaad bloed kunnen hebben gezet.

De brieven van de pastoors en het dringende verzoek van de gemeenteraad van Melick-Herkenbosch werden echter op het provinciehuis terzijde gelegd. Jacques Maessen werd gewoon op 16 mei 1922 voorgedragen om ook burgemeester van die gemeente te worden. Sterker: in zijn aanbeveling aan de minister ging de gouverneur, Van Hövell tot Westerflier, niet in op de geuite bezwaren en was hij uitsluitend lovend over hem.

Zo kreeg Jacques, naast Vlodrop en St. Odiliënberg, zijn derde gemeente. Dat lijkt veel voor één man, maar omdat het totaal aantal inwoners van de dorpen samen onder de tienduizend bleef, was die stapeling toegestaan.

Op het provinciehuis had men de gok genomen dat het wel goed zou gaan, maar men had zich vergist. Maessen zou nog meer problemen veroorzaken. Dat volgt volgende week.

Noten:

[1] J. Slangen, In de knop gebroken: het kortstondige burgemeesterschap van A.H. Schmitz in Sint Odiliënberg (1917-1918), in: Jaarboek 2004 (36) HVR.

[2] Provinciaal archief.


Ja, ik wil graag een berichtje ontvangen wanneer in de toekomst op deze website een nieuwe bijdrage verschijnt.


Reactie plaatsen

Reacties

louis op de Kamp
6 maanden geleden

Pieter, Wat weer een geweldig verhaal!

gerlie heemels- van kempen
6 maanden geleden

pieter wij lezen elke week met veel plezier jou verhaal en krijgen zo een geweldige inkijk in de tijd van toen.
dank je wel daarvoor!

Tiny Tegels
5 maanden geleden

Wat leuk Pieter, om te lezen dat de burgemeesterswoning naast mijn huis in 1922 is gebouwd. Wij dachten altijd tussen ergens tussen 1916 en 1920.